Ingedeeld onder: Uncategorized
Tussen twee hardnekkige stilzwijgens van mijnentwege door, een kleine mededeling van algemene opdeborstklopperij. Ik gaan op den televies komen. Voila. Zeven weken na mekaar.
Dat is eigenlijk geheel per ongeluk gebeurd, omdat de mensen van den televies, Sophie De Waele in het bijzonder, gebrek aan beter hadden. Ja, ik wil het daar gerust mee doen.
Sta ik daar mijn dagelijks werkding te doen, komt mevrouw linkerhand vragen of ik mijzelf niet wil opgeven om gefilmd te worden. Omdat gij en ik weten dat ge daar geschikt voor zijt, knipoogde ze erbij. Nu is mijn hoofd al wel eens eerder gebruikt voor een krantenfoto of vier, en zelfs van mijn lange benen werd al eens dankbaar gebruik gemaakt voor een stockshotje of twee, maar iets zeggen voor den televies, dat was nieuw. Dat was zelfs sebiet-ga-ik-op-mijn-benen-gaan-staan-bibberen-hoor. Ik werd gerustgesteld dat het niet veel voor zou stellen en dat het niet lang zou duren en dat het eigenlijk allemaal niet serieus bedoeld was. Ja, teutegérard, allemaal om mij erin te luizen, ja! Omdat ze gebrek aan beter hadden dus! Dus ik zei ‘okee dan’ en boy wist ik veel en was I wrong. ‘Over een kwartier komt het camerateam. Ze weten dat ze achter u moeten vragen’. Ik wist eigenlijk nog steeds niet wat ik precies moest doen, en al helemaal niet wat ik precies zou moeten zeggen. Ik vond van mijzelf dat ik eigenlijk helemaal niks te zeggen had, zelfs. Van eerder vermelde stockshots wist ik dat een camerateam uit één cameraman en één reporter bestond. Maar boy wist ik veel en was I wrong. Nog geen kwartier nadat ik voor mezelf had geconstateerd dat ik helemaal niks te zeggen had, komt daar een ploeg af om gillend van weg te rennen. Twee handsome dudes met elks een camera, een productieleider-of-zowiet, een meneer die een samsonhond op een stokske boven mijn hoofd positioneerde en daar gepositioneerd hield in wat voor bochten ik me ook zou wringen, de twee mensen van de-aflevering-van-die-week, en Sophie De Waele dus. Sophie De Waele op kop. Ze stelde mij een vraag en ik antwoordde en ze stelde mij nog een vraag en ik antwoordde wat meer en toen zeiden de twee mensen iets en ik vertelde en ik bleef vertellen. Ik voelde al mijn angstzweet vaporiseren en op de achtergrond zag ik mijn collega’s met open mond staren naar al die professionaliteit die plots over mij was nedergedaald. Haha! Waha! Jah!Mevrouw de linkerhand glunderde van trots en stak haar duim omhoog toen ze merkte dat mijn linkerooghoek haar bekeek. Ik antwoordde, vertelde, improviseerde, informeerde, maakte een ad-rem-grapje. Ik gaf zelfs goede raad! Jeps! Gratis niets.dan.vuur-advies op den televies! Ik dacht dat ze ieder moment het ganse gedoe wel even zouden stilleggen om mij te zeggen wat ik goed deed en vooral wat niet, maar nee, pas een half uur later werd er afgerond, en bleek dat één take-of-hoe-heet-dat voldoende was. Het was pas toen dat ik het warm kreeg. Het voorbije halfuur had mijn automatische piloot het overgenomen, en ik werd pas wakker nadat mijn werkmakkers fluitend en juichend applaudiseerden. Voor mij, jawel. ‘Was het een beetje in orde’ stamelde ik, want daar twijfelde ik aan. Sophie De Waele zei dat ik een natuurtalent was. De cameramannen zeiden dat ik enorm cameravast was, whatever that may be. Er was nog iets van een stemkleur die oké was, en dat het slechts zelden in één take-of-hoe-heet-dat gebeurt, enfin, de kijker thuis zou niet gillend wegrennen, iedereen content. Toen volgde de mededeling dat ze volgende week zouden terugkomen voor hetzelfde, maar dan anders. Graag met mij erbij, en dat ik al maar eens moest nadenken over wat ik dan zou zeggen. En dat zeven weken na mekaar. Die avond zat ik in zeven boeddhistische zenposities voor mijn kleerkast met dichtgeknepen ogen te staren naar zeven eventuele outfits voor de komende weken. Want het is typische wijventelevies, en ik ben en blijf toch ‘n beetje ‘n soortement van wijf.
Om alvast te oefenen voor mijn sterrenstatus-in-wording werd ik zaterdagnacht thuisgebracht door een BV. Zo’n echte, die al op het Pukkelpodium stond en die tachtigduuzdst vrienden heeft op zijn MySpace. Het is één van de weinige mannen die ‘k totnogtoe mocht kennen die mij tot aan de voordeur wandelt, in plaats van mij gewoon aan den oprit af te zetten. Niet dat dat moet om hoge punten te scoren, maar het is charmant genoeg om het te vermelden. Voila, ik weet het. I’m too sexy for this blog. Sterallures, here I come!