niets.dan.vuur


Coole dinges die ik de voorbije dagen heb gedaan
19 december 2007, 11:20 pm
Ingedeeld onder: Uncategorized

+ Ik kreeg een all areas-badge in Ancienne Belgique waardoor ik backstage kon -uiteraard- en mocht drinken van de pintjes die eigenlijk voor de performers bedoeld waren en mee roadie was door achteraf hele dure boxen en instrumenten enz mee op te ruimen en handdoeken met beroemd zweet op kon rapen en mij afvroeg of ik er misschien geld voor kon krijgen op eBay. Coooo-hooool!

+ Ik ging naar Clouseau. Op zich niet zo heel bijzonder, maar op weg naar het Sportpaleis zei ik tegen mijn compagnon: Ik heb ooit nog gewerkt in het Sportpaleis. En toen zei die compagnon: Ik heb ooit nog ópgetreden in het Sportpaleis. En dat was arrogant, maar waar. As a matter of fact, hij had er vijf dagen daarvoor opgetreden, en nu wou hij gewoon mijnne compagnon zijn. Hoe cool is dat.

+ ‘Ik heb eindelijk die hoop strijk weggekregen, gisterenavond’, vertelde ik een werkmakker. En toen zei zij: ‘Oh! Gisteren was het eerst wat saai maar toen hoorde ik luide muziek uit de kamer van Flip Kowlier en toen zijn we daar gaan kijken en Kris Wauters was daar ook. En toen is het toch nog laat geworden.’ ‘Oh,’ zei ik, ‘in het leven moeten er mensen zijn die afterparty’s houden met Kris Wauters, en mensen zijn die de vuilniszakken buitenzetten’. Waarop ik de vuilniszak nam en hem buiten zette. Dat was vooral heel cool voor haar.

+ Wij raakten des nachte buitengesloten van een duistere parking in het Brusselse. Avontuur, avontuur! Uiteindelijk is het ons uiteraard gelukt vooralsnog onze auto te bemachtigen, maar toen kreeg de BV in onze auto telefoon dat hij zijn rugzak was vergeten, waarop we rondzworven door achtersteegjes en uiteindelijk belandden op een, euh, afterparty? Die bestond uit autokoffer open, muziek eruit, booze van de nachtwinkel en hangin’ around in the chilling cold. Enfin, en toen heb ik dus pintjes staan drinken met de zoon van Jean Blaute. En daarna nog pita. En dat ik veueueuls te laat in mijn bed lag. Vooral de nachtelijke Brusselse buitenlucht was heel cool.

Genoeg starfuckerij voor een gans jaar, kweett. De nulmeridiaan loopt wel degelijk door mijn gat.

+ Een badmatje, drie zakken popcorn, fotopapier, vier opruimboxen, inpaklint, drie rollekes Werther’s Echte, 10 candy canes en suikerspin-in-een-potteke gekocht voor maar TWAALF EURO alles bij elkaar (l)(l)(l) is toch ook wel heel erg cool.

+ Ik heb een betrekkelijk grote vogel vastgehouden zodat de veearts hem kon laten inslapen. Ik ben heel flink gebleven, echt waar, en die dapperheid vond ik cool.

+ Verder waren er dinges als: naar Ikea gaan, honderd Facebookvrienden hebben, de grote officiële wedstrijd ‘Zoek onze makker want we hebben haar al zes weken niet gehoord of gezien’, oudjaarsplannen, het feit dat ik bergen ga beklimmen met ouders en zuslief (aaaaaah!)(de intonatie van ‘aaaaah’ mag u interpreteren naar keuze), het opdirken der kerstboom, mijn fabuleuze kadootjesinpaktechnieken, mijn buurvrouw die smst ‘ga eens een dansje doen achter uw badkamerraam want ik wil u nog eens zien’, met aangedampte ruiten -want de ventilator is kapot- in een verlaten straat racen met dit liedje KEILUID en twéé keer geflitst worden en het niet erg vinden want komaan, we waren net zo fijn aan het meezingen. En makkerschap in het algemeen.

+ ‘Cool’ is een heel stom woord, en alles is relatief.
En vandaag had ik even geen zin in grammatica.



Tussen de emailcheck en het donsdekenmoment
7 december 2007, 1:30 am
Ingedeeld onder: Uncategorized

Terwijl Sinterklaas zijn pruiken weer stilaan in de respectievelijke dozen steekt, talloze kindervingertjes plakken van het mandarijntjessap, de brede glimlachen van mijn werkmakkers bevlekt zijn vol chocoladeveegjes en her en der -wat zeg ik, overal- de meisjes aan het bloemschikken slaan en de jongens kerstbomen beginnen aan- en afslepen,

ben ik -druk zoals steeds tevoren-

aan het verzuchten dat ik mij stilaan oud voel worden “misschien blijf ik toch maar thuis, om wat te strijken, en daarna een lang bad” terwijl ik twintig minuten later dan toch op een trein zit naar Leuven, er aan de tafel zit met dertien soulmates en evenveel soorten pizza, te horen krijg dat ik zo’n malse lekkere poep heb, en ik zooo keihard lach tot mijn glimlachspieren keihard pijn doen (de enige spieren die ik iedere dag tracht te fitnessen), zooo keihard zing tot mijn keelspieren keihard pijn doen (alleen maar omdat de akoestiek zo goed was in de afwaskeuken), ik recht moet staan om een joelend applaus in ontvangst te nemen (“Op de stoel! Op de stoel!”, werd er gescandeerd, maar dat vond ik erover gaan), platgeknuffeld werd door zuslief -die bovendien vanaf morgen weer helemaal volgelvrij wordt verklaard en dat is pas wie-waa-wooh-nieuws- en glimlachend dichtsoes wanneer ik ’s nachts tijdens mijn lift huiswaarts bedenk dat ik voor hetzelfde geld (of nee, zes euro en een gopassvakje minder) dit had gemist, en dat het er allemaal niet toe doet dat er ’s ochtends op tijd op werkvloeren moet worden verschenen -die slaap haal ik wel in als ik op pensioen ben-

en toch ook weer werkaholisch: in heerlijke huizen die ik anders enkel in boekjes zou zien, maar nu zelfs nog mooier mag maken, op televisieschermen als ik mijn eigen beveiligingscamerabeelden zie, in headquarters van sjieke ketens, met drie grieten in de sprintercockpit flirtend toeterend als we drie kerels in een camionette zien, of in de VTM-gebouwen, of met mijn kopje schuin voor een gi-gan-tic vogelkooi, omdat die ene beo zo raar aan het hoesten is. Ik klop 57,5 uren per week, tegenwoordig, maar boy-do-I-love-my-job. En laat ons even eerlijk rechtuit arrogant zijn: you can marry me for my heritage, het geld wordt in bakken aangevoerd.

Ik had mijn schoentje niet gezet rettekentet, maar St. Erklaas was zo origineel dit jaar om zelf twee paar schoentjes naar de schoenmaker te brengen, zodat er vanochtend toch iets leuks bij de haard lag: versgelapt leer en nieuwe hakjes. Er lag een brief bij in sierlijk handschrift: Wanneer begin je aan je rijbewijs? Tot dan …
Stel dat dat in april zou zijn, zou St. Erklaas dan effe heen en weer komen pendelen?

Overigens stond er vandaag een door mij verzonnen woord -ooit in primeur verdoken verschenen in een blogstukje- geblokletterd in de krant: mijn gelukkigste 7,5 cm² van de dag.
Ook kreeg ik een CV binnen met uiterstoriginele motivatie en de bijhorende foto bezat een vette knipoog en twee duimen -goed voor veertien bonuspunten-: mijn glimlachendste printoutjes van de dag.

“Relevante ervaring: geen, maar dit wordt gecompenseerd door mijn enorm enthousiasme”, stond er op, en laat dat nu net dat zijn wat ik tot levensfilosofie heb betiteld. (Noem mij naïef, maar ik vind ‘willen’ nog altijd een beetje belangrijker dan ‘kunnen’, bovendien zijn er talloze facetten des leven waar ik amper iets van bak, maar mij toch aangenaam kunnen doen gloeien)

en is het u ook al opgevallen dat ‘finishing touch’ Engels is voor ‘beëindigende aanraking’?

Ik dacht: ik schrijf raprap iets, zo voor ik verse lakens en mijzelf op het bed smijt, het hoeft vandaag op niet veel te trekken, maar kijk: plots staan daar 602 woorden waar ik eigenlijk-valt-alles-toch-weer-goed-mee van wordt, en de weg lijkt weer maar eens beplaveid met zaligheid, maar met zaligheid moet ge oppassen, want voor ge het weet glijdt ge uit op de snottende bladeren die óók op die weg liggen. Sniejerg. St. Erklaas zal mijn kapotte fiets dan wel laten repareren, en Z. Piet verplichten een opleiding Snit & Naad te volgen. Rectificatie: 710 woorden.



Begniffeld en goedgekeurd
1 december 2007, 12:22 am
Ingedeeld onder: Uncategorized

+ We sloten de avond af met muntthee. De ganse posse aan de langste tafel van stamrestaurant T. -uiterààrd- met niks dan hihilarische conversaties achter de rug. Komt er een jongen binnen. “Aah, dat is een vriend van mij! Komt erbij, komt erbij!”. Twintig meisjesogen op hem gericht: “Hallo, ik ben Jacob.” Stilte. Die van links naast mij giechelde: “De ware!!??” Jaaaaaaa! kresten we, “De ware Jacob!” Komt naast mij zitten, nee, naast mij! En er werd op stoelen geschoven zodat er hoekjes vrijkwamen die heus groot genoeg waren. De ware Jacob hebben we de rest van de avond amper gehoord. Het was een scène die niet zou misstaan in iets Love Actually-achtigs. Ik denk dat wij soms geen gemakkelijk gezelschap zijn.

+ Als de ganse wereld samenspant en beweert dat Spice Girls GIRL POWER zouden zijn, wil dat zeggen dat die wereld nog niet in de auto heeft gezeten waarin Vuur en haar twee sjoekies keihard Basement Jaxx meezingen en -drummen terwijl ze op weg zijn naar een knalloft in rood en wit om er playstation drie te gaan spelen met fuckmebotjes aan. Alleen met het volume op driehonderdtwintig en de bassen op vijfhonderddertig: Good Luck.

+ Steeds goed om gniffelgoesting te temmen: de zoekopdrachten waardoor men hier terecht komt! Deze week oa: ‘Zou ze klaargekomen zijn’, ‘wat doet een kapper eigenlijk’, ‘hoe heet is vuur’, ‘in ons blootje op het strand’, ’soms zou ik willen dat ik de tijd kon kussen’, ‘als patient ben ik een kei’, ‘wat kun je tegen msn verslaving doen’, ‘het stinkt hier’ … en het onvermijdelijke ‘juffrouw vuur naakt’.

+ Jaaa, want met dàt laatste zal u definitely mijn hidden files kunnen ontdekken, zémorzèker. Wat de hidden files van *die andere* betreft, daarentegen … *übergniffelsuperlatief* Eigen schuld dikke bult zeg ik dan, en verder zeg ik helemaal niks.

+ Over pietjes gesproken … Marjetje had mij keihard bij het mijne! Op de laatste dag dat er gestemd kon worden vroeg ik haar (één der zeldzame irl-entourageleden die weet hebben van mijn vurig alter ego) of ze misschien toch niet ook met haar andere e-adres heimelijk bij SvhJ vakjes wou gaan aanvinken (“stem ook maar op Blogoloog en Tweeduizend en … en …, zei ik er bij). Dat deed ze, terwijl ik aan de andere kant van het msn-kotteke zat. ‘Fooo-oookkk!’, zei ze plots. Ik ‘WA??’ En toen deed ze alsof ze copy-pastete. “We merken dat je reeds gestemd hebt op niets.dan.vuur. Uw stem zal dan ook gediskwalificeerd worden, samen met alle andere wanpraktijken die uitgaan van niets.dan.vuur. Helaas!” Waarop ik een beetje misselijk werd van al dat eergevoel dat keihard uit mijn lijf aan het wegrennen was. En spijt! Spijt! Spiiijjjt! Maar okee, oef, het was dus een grapje, en niet eens zo’n slecht. Eigen schuld dikke bult zeg ik dan, en verder zeg ik heel graag alles, maar het zal voor een volgende keer zijn. Ik heb nog honderdachtentwintig kilo slaap in te halen.